VISIO 29-januari-2019

Annemiek Klijnstra, advies medewerker en Jaap Wanningen Gedragswetenschapper verzorgden op 29 januari 2019 een presentatie over Visio en veel voorkomende visuele problemen bij Parkinson.

Wanneer u voor het eerst bij Visio komt, heeft u een verwijzing van een oogarts of medisch specialist nodig. Uw specialist kan u verwijzen met een verwijsformulier maar ook digitaal via onze website. Als u bekend bent bij Visio is een verwijzing van uw huisarts voldoende.
Indien u zich wilt aanmelden, en in het bezit bent van een verwijzing, dan volgt het inplannen van het intakegesprek. Dit kan meestal binnen 5 werkdagen. Het intakegesprek duurt circa 60 minuten, waarbij uw vragen in kaart worden gebracht. Bent u bekend met Visio, dan zal dit minder lang duren.
Diagnostiektraject
Na het intakegesprek, plannen we het diagnostiektraject in. Door diagnostiek wordt uw visueel functioneren en de gevolgen van uw visuele beperking in het dagelijkse leven in kaart gebracht. We voeren verschillende onderzoeken uit om uw hulpvraag goed te kunnen beantwoorden. Op uw verzoek kunnen al deze onderzoeken op één dag ingepland worden. Bekijk hier de wachttijden voor het diagnostiektraject van uw locatie.
• Met een visueel basisonderzoek (VBO) brengen we in kaart wat u nog wel ziet en hoe scherp u dat ziet. Is er sprake van niet-aangeboren hersenletsel dan volgt een neuropsychologisch onderzoek.
• Een gesprek met een ergotherapeut brengt in kaart, wat de gevolgen zijn van uw oogaandoening voor uw dagelijks leven. Bijvoorbeeld een verlichtingsadvies
• Ook kan een gesprek met een ICT-adviseur gepland worden om de ICT-mogelijkheden voor u te inventariseren.
• Tot slot brengt u een bezoek aan de afdeling Advies voor advies over en uitproberen van hulpmiddelen.
Deze onderzoeken vinden plaats bij de dichtstbijzijnde Visio-locatie.

Eigen risico
Iedereen van 18 jaar en ouder betaalt een verplicht eigen risico voor ontvangen zorg. De hoogte van het eigen risico wordt jaarlijks (wettelijk) vastgesteld. Dat betekent dat u het eerste deel van zorg uit het basispakket zelf betaalt. Wij gaan ervan uit dat u, voordat u een traject in gaat bij Visio, bij uw zorgverzekeraar informeert naar de vergoeding.
Visio adviseert om tijdig een bezoek te brengen aan de oogarts. Dit om problemen aan de ogen op te sporen of uit te sluiten. Wees voorzichtig met een bezoek aan de opticien, aangezien uw visuele klachten mogelijk complex kunnen zijn. Daarmee wordt bedoeld dat visuele klachten uit een combinatie van oorzaken kunnen ontstaan: zowel problemen aan het oog als problemen in de hersenen. In dat geval is een oogarts beter toegerust om u te onderzoeken. Bij de veroudering van het oog kunnen er namelijk oogaandoeningen ontstaan zoals glaucoom (verhoogde oogboldruk), cataract (staar: troebele ooglens), maculadegeneratie (vervaging van het centrale zicht) of diabetische retinopathie. Dit kan meestal behandeld worden door een oogarts.

Inloopspreekuur iedere donderdag van 09:00 uur tot 12:00 uur.
Op onze locatie in Goes kunt u eventueel hulpmiddelen bekijken en uitproberen. U kunt daarvoor zonder afspraak tijdens het inloopspreekuur binnenlopen. Hiervoor heeft u geen verwijzing nodig.
Hier kunt u onder onderen de volgende hulpmiddelen bekijken:
• Daisyspeler
• Gesproken ondertiteling
• Gesproken wekker
• Telefoons
• Spelletjes enz.
Hieronder staat een beknopt overzicht van veel voorkomende visuele problemen bij Parkinson. Vooral bij 1 t/m 3 kan Visio een compenserende rol spelen op de hierboven genoemde werkwijze. Na een korte inleiding wordt nader ingegaan op deze vijf punten.
1) Oogmotoriek en dubbelzien
2) Verminderde contrastgevoeligheid en verminderd kleurenzien
3) Stoornissen in de ruimtelijke waarneming
4) Droge ogen en daarmee samenhangende symptomen
5) Visuele hallucinaties

De ziekte van Parkinson en de visuele waarneming
Naar schatting heeft zo’n 75% – 90% van de mensen met Parkinson hinder van één of meer visuele stoornissen. Dit kan ook in de beginfase van de ziekte het geval zijn. Omdat er sprake is van motorische problemen bij Parkinson (vertraagde beweging, stijfheid, voorovergebogen houding en/of tremor), is het van belang om ook rekening te houden met eventuele visuele problemen. Dit in de eerste plaats om het valrisico te beperken. Zo blijkt uit onderzoek (*) dat het aantal valincidenten aanmerkelijk hoger is bij Parkinsonpatiënten die zowel motorische- als visuele problemen hebben. (*)Davidsdottir, S., Cronin-Golomb, A., & Lee, A. Visual and spatial symptoms in Parkinson’s disease. Vision Research, 2005, (45), pp. 1285-1296.

Hoe ontstaan visuele stoornissen bij Parkinson?
De ziekte van Parkinson is een progressieve aandoening waarbij het functioneren van het centrale zenuwstelsel achteruitgaat. Dit komt door een afname van dopamine in de hersenen, maar ook in het netvlies en de ogen. Dopamine is een neurotransmitter die zorgt voor de signaaloverdracht tussen zenuwcellen. Door het lage dopaminegehalte ontstaan motorische symptomen en cognitieve symptomen. Beide kunnen leiden tot de visuele problemen en de ooggerelateerde problemen bij de ziekte van Parkinson (inclusief storingen in de oogmotoriek). De stoornissen in de visuele waarneming komen voor bij zowel het tremordominante subtype van Parkinson, alsook bij het hypokinetisch rigide subtype, en het subtype met axiale symptomen waarbij balansproblemen en loopstoornissen op de voorgrond staan. Of er mogelijk toch verschillen zijn in de visuele stoornissen (per subtype van Parkinson) is momenteel onderwerp van onderzoek binnen een samenwerking van Visio, de Rijksuniversiteit Groningen en het UMCG.

Visuele stoornissen bij de ziekte van Parkinson:

(1) Door de hierboven genoemde afname van dopamine kan een zwakke convergentie ontstaan. Dit wordt ook wel convergentie-insufficiëntie genoemd. Het betekent dat de ogen niet meer goed kunnen samenwerken wanneer je naar een object van dichtbij wilt kijken, zoals bij lezen het geval is. Bij een zwakke convergentie kunnen de ogen zich niet of onvoldoende naar binnen (richting de neus) bewegen. Hierdoor ontstaat moeite met het lezen van teksten en dichtbij zien. Een verzwakte convergentie leidt meestal tot de ervaring van wazig zien of dubbelzien, en dit kan tot snellere vermoeidheid leiden. Ook het vermogen om kleine oogsprongen te maken, en vloeiende oogvolgbewegingen, kan verminderden door Parkinson.
(para)medische zorg: Normaliter worden bij convergentiezwakte specifieke oefeningen voorgeschreven. Echter als de oogbewegingen zijn aangedaan door Parkinson, zijn deze oefeningen vaak te moeilijk of onmogelijk. In dat geval kan de oogarts een prismabril voorschrijven. Visio kan ook adviseren in de vraag welke prismabril het beste kan worden gebruikt. In zeer zeldzame gevallen is een oogspieroperatie vereist.
Het gebruik van multifocale glazen of bifocale glazen wordt afgeraden bij Parkinson. Deze glazen vereisen namelijk nauwkeurige oogsprongen, en juist dit kan moeizamer gaan door de ziekte van Parkinson. Om dezelfde reden wordt een bifocale intra-oculaire lens afgeraden, tenzij uw oogarts anders adviseert. Over het algemeen raadt men bij Parkinson aan om twee verschillende brillen namelijk te gebruiken, één voor veraf (kijken op afstand) en één voor dichtbij (bijv. om te lezen).

2) Verminderde contrastgevoeligheid. Een lage contrastgevoeligheid leidt tot problemen om bij schemer en in het donker nog voldoende te kunnen zien. Dit kan in het verkeer tot gevaarlijke situaties leiden. Autorijden in schemer en donker wordt dan ook afgeraden. Maar ook overdag kan een verminderde contrastgevoeligheid problemen geven, wanneer bijvoorbeeld voorwerpen op de grond niet goed (of te laat) worden gezien. Hierdoor kan het valrisico toenemen. Voorts kunnen de ogen sneller vermoeid raken door een lage contrastgevoeligheid. Bijvoorbeeld tijdens het lezen of tv kijken.
(para)medische zorg: de oogarts dient per persoon een mogelijke behandeling op maat voor te stellen. Bij een verminderde contrastgevoeligheid kan het helpen om buiten een filterbril te dragen die donkeroranje licht of blauw licht blokkeert. Daarnaast helpt bij velen een betere verlichting. Ook het gebruik van een vetter lettertype is vaak zinvol. Daarnaast maakt men bij voorkeur gebruik van hoog contrasterende materialen en kleuren. Bij sommige patiënten verbetert het contrastvermogen wanneer een oogaandoening behandeld wordt. Dit is het geval bij staarpatiënten die een staaroperatie hebben gehad. Behalve de contrastgevoeligheid verbetert meestal ook de gezichtsscherpte na een staaroperatie.

Bij leesmoeilijkheden kunt u rekening houden met het volgende:
 Ga na of het helpt als u het licht aanpast (minder of juist meer licht).
 Bij gebruik van computer, tablet, smartphone: de letters groter maken. Of de letters en/of regels verder uit elkaar plaatsen, zodat u een beter overzicht houdt.
 Eveneens bij gebruik van computer, tablet of smartphone: Ga na of het helpt als u de letters een andere kleur geeft, of wanneer u meer contrast aanbrengt in de tekst.
 Gebruik maken van een hulpmiddel, bijv. een loep, leesliniaal, luisterboek/Daisy-speler.
 In geval van dubbelzien: 1 oog afdekken.
 Neem voldoende pauzes bij vermoeidheidsklachten.

Bij lichthinder en buiten lopen zijn er nog aanvullende tips:
 Gebruik maken van gekleurde glazen of gekleurde lenzen, voor een beter contrast.
 Een pet met een klep, om licht af te wenden en verblinding te voorkómen.
 Verlichting op het hoofd dragen bij het buiten lopen.
 Lopen met een herkenningsstok. Dit kan de veiligheid ten goede komen, doordat anderen eerder/duidelijker kunnen zien dat u slechtziend bent.

(3) Door de ziekte van Parkinson kunnen problemen ontstaan in de ruimtelijke waarneming. Het vermogen om diepte te zien kan verminderen, om beweging tijdig waar te nemen, om voorwerpen waar te nemen temidden van andere voorwerpen, en het vermogen om een mentale visuele 3D-voorstelling te maken (met nader oorden om iets voor je geestesoog te zien, een mentaal beeld) kan achteruit gaan. En wanneer Parkinon in de rechter hersenhelft begint, leidt tot soms tot uitval van het linker gezichtsveld. Wanneer iemand zich daar onvoldoende bewust van is, wordt dat aangeduid met de term ‘neglect’. In dat geval is er meer begeleiding nodig dan wanneer iemand zich wél bewust is van de gezichtsvelduitval. Een ander aandachtspunt bij Parkinson is de herkenning van emotionele expressies. Het vermogen om gezichtsuitdrukkingen en (visuele) emoties te herkennen kan verminderd zijn. Neuropsychologisch onderzoek kan deze vermogens in kaart brengen en dit kan ook bij Visio worden onderzocht.
Verder zijn er aanwijzingen dat er bij Parkinson een verhoogd risico is op glaucoom (**). Glaucoom begint met uitval aan de randen van het gezichtsveld, waardoor het vaak niet direct opvalt. Uit dezelfde studie blijkt dat bij Parkinson de normale-druk glaucoom en open kamerhoekvariant vaker voorkomen dan glaucoom door verhoogde oogdruk. Daarnaast, los van de glaucoom, is er bij Parkinson ook een verhoogd risico op verdunning van een zenuwlaag (stratum opticum) in het netvlies. Ook dit uit zich vaak het eerst door uitval van het gezichtsveld in de periferie, dus niet centraal maar aan de buitenkanten. Regelmatige controles bij oogarts of orthoptist zijn nodig om deze problemen tijdig op te sporen en behandeling in te kunnen zetten.
(**)Ekker, M & Janssen, S. Ocular and visual disorders in Parkinson’s disease: Common but frequently overlooked. Parkinsonism and Related Disorders, 40 (2017) pp 1-10.

(4) Een ander visueel probleem dat vaak bij Parkinson optreedt, is een verlaagde knipperfrequentie van de ogen. Mede hierdoor ontstaat er last van droge ogen en/of een wazig gezichtsvermogen. Veel voorkomende visuele problemen die bij onbehandelde droge ogen kunnen ontstaan, zijn:
– Diplopie (dubbelzien)
– Blefaritis (ontsteking van de ooglidranden)
– Blefarospasme (ooglidkramp)
– Het niet goed kunnen openen van de oogleden (ooglid-apraxie).

De oogarts kan kunsttranen (oogdruppels, zalf, gel) voorschrijven tegen droge ogen. Ook kan er een ander anti-parkinsonmedicijnen worden voorgeschreven, omdat droge ogen een negatief neveneffect kan zijn van sommige anti-parkinsonmedicatie. Verder kan een aanpassing van uw bril/lenzen in sommige gevallen uitkomst bieden. Ook is het belangrijk om een correcte ooglidhygiëne te hanteren. Warme, vochtige kompressen of zalven verminderen doorgaans de oogirritatie. Blefarospasme en apraxie van de ooglidopening zijn te behandelen met botulinetoxine injecties (botox). Zie ook op:

https://mens-en-gezondheid.infonu.nl/aandoeningen/174426-oogproblemen-bij-de-ziekte-van-parkinson.html

(5) Visuele hallucinaties: Dit betreft het zien van dingen (bijvoorbeeld: voorwerpen, personen, dieren, wezens, licht) die er in werkelijkheid niet zijn. Soms heeft iemand door dat hij hallucineert, maar dat is lang niet altijd het geval. Vaak is er een ander nodig om dit vast te stellen. Er kunnen vele oorzaken zijn van hallucinaties, maar vrijwel altijd is er sprake van een verstoring in de hersenen door een hersenziekte of middelengebruik. Hallucinaties kunnen veroorzaakt worden door een psychose, een delier, door epilepsie, door het Charles Bonnet-syndroom, maar ook door de ziekte van Parkinson.

Uit onderzoek komt naar voren dat parkinsonpatiënten met hallucinaties meer cognitieve problemen hebben (zoals moeite hebben om de aandacht erbij te houden) en meer symptomen van angst, depressie en een verstoorde slaap hebben dan parkinsonpatiënten zonder hallucinaties.

Visuele hallucinaties kunnen een chronische complicatie zijn in de behandeling van Parkinson, vooral wanneer behandeld wordt met levodopa en dopamine-agonisten. De hallucinaties kunnen visueel zijn maar ook auditief (dingen horen die er in werkelijkheid niet zijn). Maar visuele hallucinaties komen vaker vooral dan auditieve hallucinaties.

Als er sprake is van hallucinaties dan is een consult bij arts of neuroloog geïndiceerd. Meestal begint deze met een vraaggesprek omdat hallucinaties lang niet altijd opgemerkt worden. De arts stelt diverse vragen, zoals bijvoorbeeld: zijn de visuele hallucinaties eng, verwarrend of misschien juist aangenaam? Komen deze op bepaalde momenten vaker voor dan op andere momenten (bijv. vaker bij het in slaap vallen)? Wanneer zijn de visuele hallucinaties begonnen, hoe lang is het al gaande?
De oorzaak van de hallucinaties is belangrijk om te achterhalen, om deze effectief te kunnen behandelen/verminderen. Visuele hallucinaties kunnen het gevolg zijn van de Parkinson, maar ook van het gebruik van bepaalde anti-parkinson medicijnen. In overleg kan de neuroloog deze medicatie dan aanpassen of vervangen. Andere medicijnen, zoals antipsychotica, kunnen juist helpen tegen de hallucinaties.

Wanneer u vragen heeft naar aanleiding van de presentatie over visuele stoornissen bij Parkinson mag u ook e-mailen naar jaapwanningen@visio.org.

Voor meer informatie kun u bellen met Visio Goes: 088-585 9500. Ook kunt u de website van Koninklijke Visio raadplegen: www.visio.org.

Verslagen bijeenkomsten

Comments are closed.